17.03.11

Nieuwsbrief paard

Met: bij een goed wormplan hoort mestonderzoek!

Nieuwsbrief paard voorjaar 2011

Het beste voor uw paarden: een goed ontwormplan
Het blijft in het nieuws, gericht ontwormen op basis van mestonderzoek. Ook de firma’s van de wormmiddelen hebben het nu in hun advertenties staan: liever niet blindelings ontwormen zonder mestonderzoek en altijd het weidemanagement erbij betrekken. Al eerder hebben we er informatie over gegeven, maar omdat het zo belangrijk is doen we het nogmaals.
De reden is dat de meest schadelijke wormen, de rode bloedwormen  inmiddels resistent zijn geworden tegen eerder gebruikte, eveneens uitstekende wormmiddelen.
De belangrijkste oorzaak daarvan is dat er te vaak ontwormd is, dat wil zeggen te snel na een vorige ontworming en zelfs wel tot 4 x per seizoen! Daarnaast spelen onderdosering en altijd hetzelfde wormmiddel een rol. Daarom is het niet verstandig om uw paarden te behandelen als het niet nodig is.
Een goed ontwormplan en een gericht ontwormingsbeleid zorgen ervoor dat in het voorjaar weinig eieren op het land komen waardoor de gevreesde hoge najaarsinfectie van overwinterende larven van de rode bloedworm wordt voorkomen.
Het streven is te zorgen voor een lage weidebesmetting, niet voor het absoluut wormvrij worden of houden van het paard!
Wormbesmettingen zijn echter zeer verraderlijk, u ziet pas verschijnselen als het te laat is.
Ze gaan gepaard met verschillende symptomen afhankelijk van de soort worm.
De veulenworm (veroorzaakt alleen bij veulens problemen) kan diarree, gewichtsverlies en groeivertraging geven, hygiëne rond de geboorte in de stal is daarbij zeer belangrijk 
De spoelworm (speelt voornamelijk een rol bij veulens en  jaarlingen) kan door de trektocht van de larve hoesten en longbeschadiging geven, soms een verstopping in de darm door een kluwen van wormen. De spoelworm heeft een lange voortplantingscyclus van 4 maand.
De rode bloedworm is vooral belangrijk bij jonge paarden tot en met 3 jaar, hij kan diarree vermagering, koliek en sterfte geven. De rode bloedworm heeft een korte cyclus van 6 weken.
Een deel van de larven van de rode bloedworm overleeft de winter in de darmwand, is onbereikbaar voor wormmiddelen en zorgt zo in het voorjaar voor een weidebesmetting.
De lintworm kan vanaf de leeftijd van 1 jaar voorkomen, hij kan een rol spelen bij bepaalde vormen van koliek (invaginaties) en hij heeft een lange cyclus. Stukjes van de lintworm kunnen in de mest gevonden worden.
Een goede periode voor het mestonderzoek is maart tot en met juni. U controleert dan of uw paarden het weiland kunnen besmetten met wormeieren. Het beste tijdstip om met mestonderzoek te beginnen is de maand maart: zo weet u of u vóór het weideseizoen nog een wormbehandeling moet toepassen. 
Een eenmalige bepaling van eieren in de mest (EPG) zegt vaak niet zoveel, het volgen van meer monsters in het weideseizoen wel!
Een mestmonster neemt u door van de betreffende dieren enkele verse mestballen te nemen die de grond niet geraakt hebben. U kunt ze pakken met een plastic zakje of handschoen (op de praktijk verkrijgbaar) en binnenste buiten draaien, naam paard vermelden.
Het is mogelijk om van leeftijdsgroepen van paarden een mengmonster te maken, bijvoorbeeld van veulens, jaarlingen, tweejarigen en 3 jaar en ouder.
Kijk voor meer info op: www.parasietenwijzer.nl

In de maand maart geven we een korting van 10% op mestonderzoek!

Veel paarden en pony’s te dik
Meer dan de helft van de recreatief gehouden paarden en pony’s in Nederland is te dik blijkt uit een groot onderzoek. Veel eigenaren hebben zelf niet in de gaten dat hun paard / pony te dik is. Met name sobere rassen zoals IJslanders, Shetlanders, Haflingers en Fjorden vervetten snel. Een praktische manier om zelf te testen of een dier te zwaar is , is het voelen van de ribben. Je hoeft de ribben niet te kunnen zien, maar je moet ze wel kunnen voelen. 
Te dikke paarden en pony’s hebben meer kans op hoefbevangenheid en andere ernstige aandoeningen zoals insulineresistentie (suikerziekte) en de ziekte van Cushing).
Vervetten ofwel dik worden heeft bijna altijd te maken met te veel eten en te weinig beweging: wat je een paard voorzet gaat naar binnen. Paarden beperken zichzelf niet. Van nature vreten paarden zich vol in de zomermaanden, zodat ze vetreserves hebben voor de winter. Met name jong en energierijk gras zet gemakkelijk aan.
De grasopname kan begrensd worden door paarden beperkt te weiden. Een kale wei is geen oplossing, dan is er te veel risico om veel zand binnen te krijgen. Ga dieren die er gevoelig voor zijn beperken in de opname van gras door ze bijvoorbeeld ’s nachts op te stallen met schraal hooi of mooi stro eventueel in een dubbel hooinet. Zorg dat ze goed hebben gegeten van het ruwvoer voor ze naar buiten gaan. Een andere mogelijkheid is een graasmasker omdoen, zo wordt het dier gedwongen om langzaam kleine hapjes te eten. Ook het schuiven met de afrastering is een mogelijkheid.

West Nile virus bij paarden
Veel mensen vragen ons of de vaccinatie tegen West Nile virus nog actueel is: ja dat is hij zeker. Ieder jaar rukt de infectie verder op.
Kijk voor de actuele informatie op: http://www.rivm.nl/infectieziektenbulletin/bul119/westnilevirus3.html                                                                            /bul